Skip to main content

In dit rubriekje lees je kort & krachtig een mooi feitje over hout.

Houten woningen bouwen doen we al eeuwen. Wat niet wil zeggen dat we het al eeuwen op dezelfde manier doen. Het evolueert continu ter verbetering van het bouwproces, de veiligheid en het comfort. De meest bekende en gebruikte houtbouw-methode is houtskeletbouw, afgekort: HSB. Maar sinds een paar jaar is massiefhoutbouw in opmars, zoals met CLT. Waarom is dat ineens zo populair? Wat is het verschil met HSB? En zijn er overeenkomsten? We leggen het uit.

Eerst maar even de snelle definities van de twee meest populaire bouwmethodes:

Houtskeletbouw (HSB)  

De naam verklapt het al een beetje: het is een manier van bouwen waarbij houten prefab elementen worden gebruikt om het complete casco van een woning te maken. Een dragende constructie van wand-, vloer- en dakelementen, die zijn opgebouwd uit zogenaamde houten stijlen, regels, balken en sporen, waartussen isolatiemateriaal wordt verwerkt.

Cross laminated timber (CLT)  

CLT, ofwel kruislaaghout, is op dit moment het meest bekende massiefhoutbouw-product *. In tegenstelling tot de stijlen, regels, balken en sporen van HSB, hebben we het bij CLT over enorme massief houten panelen. Panelen die een omvang kunnen hebben van maar liefst 16 x 3 meter, en tot wel 11 planken dik. Ze worden vervaardigd door planken naaldhout onder hoge druk kruislings op elkaar te lijmen (met ca. 1% lijm). Een CLT-element is dus eigenlijk een complete wand-, vloer- of dakdeel, dat op zichzelf al een isolerende en dragende constructie is.

* Andere massiefhoutbouw-producten zijn laminated veneer lumber (LVL), dowel-laminated timber (DLT), glue-laminated timber (glulam), laminated strand lumber (LSL), parallel strand lumber (PSL) en nail-laminated timber (NLT). 
Voorbeelden van een geïsoleerd prefab houtskeletbouw element (links) en een massief houten CLT-element.

Meest opvallende verschillen

Gewicht

HSB is lichter en vraagt minder hout per bouwdeel dan het massievere CLT. Dat betekent o.a. dat CLT relatief meer transportbewegingen en grotere hijs- en hefwerktuigen behoeft, wat leidt tot een hogere CO2- en stikstofuitstoot (al kan dit tegenwoordig steeds vaker volledig elektrisch). Door het lichtere gewicht van HSB is die methode ook bij uitstek geschikt voor uitbreiding van bestaande woningen (opbouw en uitbouw).

Hoogte

Bouwen met een HSB-constructie kan tot een beperkt aantal lagen hoog (ca. 4 verdiepingen), terwijl er met CLT al gebouwen zijn ontwikkeld van 20 verdiepingen hoog.

Esthetiek

Bij HSB is de plaatafwerking meestal niet mooi genoeg om als interieur in het zicht te laten, dat behoeft dus nog extra afwerking. CLT leent zich esthetisch juist goed om onafgewerkt zichtbaar te laten.

Overige verschillen:

De kruistocht van kruislaaghout

CLT is aan een opmars bezig.

Deze vernuftige krachtpatser zag het licht in Zwitserland, in het laatste decennium van de vorige eeuw. Nog niet in de vorm zoals we het nu kennen, die ontstond nadat Oostenrijk zich in 1996 ging bemoeien met het  gezamenlijke onderzoek naar de ideale vorm van ‘engineered wood’.

En vanaf dat moment is the only way up voor kruislaaghout. Mede dankzij de interesse voor de innovatie vanuit Amerika en Canada. Waar we in Nederland langzaam een gestage groei zien, is het gebruik van CLT in al onze buurlanden de afgelopen jaren fors toegenomen. De cijfers van de jaarlijkse productie staven dit:

(1995) 25.000 m3   |   (2005) 125.000 m3   |   (2015) 650.000 m3   |   (2020) 1,25 miljoen m3

Meer informatie? Klik op onderstaande bronvermelding(en) of stuur ons een mailtje.

Stuur een mail
Bron: Het Houtblad
Bron: Cursus Kruislaaghout
Bron: Orga architect

© Foto’s: Unsplash; Prefab BV; Laminated Timber Solutions